Grondwater

Grondwater is water dat via sloten, meren en rivieren in de bodem is gezakt. Ook regenwater infiltreert in de bodem en zakt tot het niet verder kan tot een bodemlaag die geen water doorlaat. Boven deze laag raakt de grond ‘verzadigd'. De grond kan geen water meer opnemen. De hoogte waar deze verzadiging optreedt, is de grondwaterstand (of het grondwaterpeil). Het water eronder heet grondwater.

Grondwater stroomt heel langzaam, vaak maar enkele meters per jaar, in de richting waar het waterniveau lager is. Er zitten allerlei stoffen in die ook in de bodem voorkomen.

Grondwaterpeil

In het westen van Nederland zit het grondwaterpeil soms maar enkele decimeters onder het maaiveld. In andere gebieden, zoals de Veluwe, ligt het juist tientallen meters diep. De grondwaterstand ofwel het grondwaterpeil wordt door veel factoren beïnvloed.
 

  • Hoeveel regen er valt en hoeveel (regen)water verdampt.
  • Uit welke lagen de bodem bestaat (bijvoorbeeld veen, klei- of leemlagen) en hoeveel water deze lagen doorlaten.
  • De afstand tot het oppervlaktewater en het peil daarvan. Het grondwater transporteert regenwater weg dat in de bodem is gezakt via beken, sloten en vaarten. Soms gebeurt dit via drainage. Omgekeerd kan het oppervlaktewater ook het grondwater ‘voeden'.
  • De waterdruk uit diepere bodemlagen. De bodem kan meerdere waterdoorlatende lagen hebben, die niet met elkaar in verbinding staan.
  • Constructies onder de grond, zoals tunnels en garages, kunnen grondwater laten opstuwen.
  • Grondwaterwinningen in de omgeving kunnen lokaal leiden tot sterke daling van het grondwaterpeil. Beëindiging kan juist tot sterke stijging leiden.
  • Zettingen/bodemdaling.

Beheer van het grondwater

Het grondwatersysteem is ingewikkeld en lastig te beïnvloeden, terwijl het grote invloed kan hebben op de functies van de grond. Als perceeleigenaar ben je zelf verantwoordelijk voor een goede staat van je eigendom, zoals de bouwkundige staat van je huis, de leidingen, het riool en een vochtdichte vloer. De waterschappen proberen voor een goede grondwaterbalans te zorgen. De provincies vertalen het nationale waterbeleid in regionale maatregelen en zorgen voor de kwaliteit van het grondwater. De gemeenten zijn het eerste aanspreekpunt voor burgers als het gaat om grondwater in stedelijk gebied. Dat betekent dat, als er een probleem is dat de huiseigenaar zelf niet kan oplossen, de gemeente de taak heeft om te kijken wat de oorzaak van problemen is en of er een effectieve oplossing mogelijk is. Welke instantie uiteindelijk de maatregelen uitvoert en verantwoordelijk is voor het resultaat, hangt af van het soort probleem en de plek waar het optreedt.