‘Een stijging van 6 meter in een paar weken tijd, dat is wel uitzonderlijk’

Begin februari stond het water in de rivieren extreem hoog met een piek van 14,53 meter boven NAP bij Lobith gemeten. Waar kwam al dat water ineens vandaan en hoe zag Rijkswaterstaat dit aankomen? Ons Water vroeg het aan Eric Sprokkereef, senior adviseur Crisismanagement en Informatievoorziening bij Rijkswaterstaat.

Hoogwater bij de IJssel, pont uit de vaart
©Eric Sprokkereef

‘Het kwam vooral uit het Alpen en het zuiden van Duitsland’, begint Sprokkereef te vertellen. ‘Vanaf eind januari ging het daar plotseling van -3 naar +4 graden Celsius, waardoor de vele sneeuw die in deze gebieden lag, begon te smelten. Daarbovenop waren er nog een aantal neerslagfronten boven het Rijngebied. Deze combinatie maakte dat in een week of 3 het waterpeil steeg met zo’n 6 meter.’

Uitzonderlijk

Een waterpeil van zo’n 14,5 meter is niet ongekend, volgens Sprokkereef. ‘Dat komt zo’n 1 keer in de 2 à 3 jaar voor. Maar een stijging van 6 meter in een paar weken tijd, dat is wel uitzonderlijk.’ De hoeveelheid regen heeft daar zeker aan bijgedragen. Sprokkereef: ‘In een week tijd viel in het Rijngebied zo’n 100 millimeter regen. Dat is 2 keer het normale maandgemiddelde dat daar valt!

Nu hadden we het geluk dat het waterpeil bij Lobith voor de tijd van het jaar 3 meter lager lag dan normaal rond deze tijd. Zo rond de 8 in plaats van 11 meter. Deze lage waterstand is een gevolg van de droogte die we hebben gehad in 2020. Een jaar waarin ook in de herfst en winter geen grote hoeveelheden neerslag zijn gevallen. Anders hadden we een waterstand gehad vergelijkbaar met die in 1993 en 1995 toen delen van Nederland overstroomden. Al hoeven we met zo’n waterstand gelukkig niet meer te evacueren, omdat de dijken nu sterk genoeg zijn.’

Hoogwater bij de IJssel
©Eric Sprokkereef
Hoogwater bij de rivier de IJssel

Opwarming van de aarde

Sprokkereef verwacht dat een snelle stijging van het waterpeil vaker zal voorkomen in de toekomst. ‘Door de opwarming van de aarde heb je te maken met meer extremen. Zo zal het niet alleen vaker droog zijn door extreem hoge temperaturen, maar er zal ook vaker in een korte tijd extreem veel neerslag vallen.’

Computermodellen

Rijkswaterstaat voorspelt dagelijks de waterstanden van de rivieren met behulp van computermodellen. ‘Dat doen we onder andere voor de scheepvaart, maar ook om na te gaan of we te maken krijgen met hoogwater.’ Of de voorspellingen exact uitkomen, hangt af van de nauwkeurigheid van de data die Rijkswaterstaat in de modellen stopt. ‘Kloppen bijvoorbeeld de weersverwachtingen? In dit geval kwamen we aardig uit. Op 28 januari zagen we dat we te maken zouden krijgen met een waterstand van zo’n 14 tot 15 meter zo ergens tussen 3 en 6 februari. Dat klopte dus, al was de datum een paar dagen later.’

Portretfoto Eric Sprokkereef
©Eric Sprokkereef
Eric Sprokkereef